Kreidlerdatabase

Hans Spaan

Hans Spaan was coureur voor Van Veen

Wikipedia zegt over Hans Spaan: 'Hans Spaan, Assen 24 december 1958, is een voormalig motorcoreur die tussen 1980 en 1993 uitkwam in het wereldkampioenschap wegrace.'

Hans Spaan Kreidler
Eind 1979 - Het 'statieportret' van Hans Spaan, toen 20 jaar, in zijn eerste seizoen voor Van Veen.
De opdracht was op bij de eerste acht te eindigen in het Nederlands kampioenschap om zodoende een
Internationale startlicentie te verkrijgen, waarna de eerste schreden op het internationale pad kunnen worden gezet.

Hans Spaan Kreidler
Hans Spaan in het tweede seizoen

Zijn eerste race reed hij tijdens de TT Assen van 1980 waar hij op een Kreidler-Van Veen vierde werd.

Voor de start van het seizoen'79 organiseerde Kreidler importeur Van Veen een talentenjacht op het circuit van Zolder. De geselecteerde coureur zou met steun en technische begeleiding van Van Veen bij de eerste acht moeten rijden. Nu, negen maanden later, mag de geselecteerde coureur zich kampioen van Nederland noemen in de 50 cc klasse. Het wordt dan ook de hoogste tijd voor een nadere kennismaking met de jongste telg uit de Van Veen stal. 

Het is feitelijk puur toeval dat de 20-jarige Hans Spaan op een race-circuit verzeild is geraakt. 'Ik was zestien toen ik wel wat in de motorsport wilde gaan doen. Motorsport interesseerde mij al van jongs af en andere hobby's had ik niet. Trouwens nu nog niet. De motorsport is mijn lust en mijn leven. Je hebt trouwens ook weinig tijd voor andere dingen. Maar goed, ik wilde wel wat gaan doen. In eerste instantie ging mijn belangstelling uit naar de cross. Daarbij speelde de financiën natuurlijk ook een grote rol. Crossen leek mij nog wel te betalen. Toen ik mijn plannen met een vriend, die zelf een 50 cc racer had, besprak, bood hij mij zijn fiets te koop aan. Wegrace zag ik ook wel zitten, dus dat heb ik maar gedaan. Als mijn vriend op dat moment niet gestopt was met racen, was ik gaan crossen. Achteraf gelukkig natuurlijk dat het zo gelopen is'. Studeerde je toen nog? „Nee, anders had ik ook geen centen gehad om die fiets te kopen. Ik heb twee jaar op de lts. gezeten, maar het naar school gaan zag ik helemaal niet zitten. Ik had altijd gedacht dat je daar een vak leerde, maar meer dan de helft zat je in zo'n duf theorie lokaal. Ik heb zelfs nog een foto, gemaakt door een leraar, van het moment dat ik lag te slapen in de klas. Dat was typerend voor mijn instelling op school. Nu heb ik in de avonduren het diploma autotechniek gehaald. Deze manier is mij beter bevallen dan jaren achtereen, dag in dag uit, naar een school te lopen'.

Hans zit nu dan wel behoorlijk op rozen, maar zoals zoveel coureurs heeft hij ook al een hoop leerzame 'race-ellende' achter de rug. 'In '76 was ik van de b-groep naar de a-groep van de NMB overgegaan. Veel races heb ik dat seizoen niet gereden, want in augustus had ik mijn fiets pas startklaar. Hoe dat kwam? Heel simpel, geldgebrek. Ik verdiende natuurlijk toen nog erg weinig. Het was een hele toer om iedere maand een paar centen over te houden. Iedere keer als ik weer wat gespaard had, kocht ik weer wat onderdelen. Het seizoen was op vier races na ten einde, toen ik pas met een complete motor aan de start kon verschijnen.' 

Het jaar daarop ging helemaal de mist in, aldus Hans. Lachend vertelt hij: 'Het seizoen '77 was ronduit een puinhoop. Wat een chaos was dat zeg. Nu kan ik er om lachen, maar toen kon ik wel janken. Het ging direct in het begin van het seizoen al fout. Samen met een vriend ging ik altijd naar de races, maar mijn vriend besloot plotseling te stoppen met racen. Ik had geen rijbewijs en geen vervoermiddel, zodat ik ieder weekeinde van anderen afhankelijk was. Iedereen wilde wel een keer rijden, maar het was dan veelal meer te doen om de lol, dan om het racen, zodat je nooit serieus bezig kon zijn. Uiteindelijk stelde de motorclub uit Uitgeest een busje beschikbaar. Hartstikke leuk natuurlijk, maar daarmee begon de ellende pas goed. Vrijdagavond vertrokken we altijd met een steeds weer wisselend gezelschap en meestal kwamen we zaterdagmorgen aan. Het busje was namelijk totaal versleten. Onderweg moest er altijd gerepareerd worden met alle gevolgen vandien. We hebben altijd een hoop lol gehad, maar het racen leek dan ook nergens op. Daarbij kwam nog dat ik ook geen helper had, dus ik rommelde in mijn eentje maar wat aan.Een ding heb ik dat seizoen wel geleerd. Als je wilt racen moet je het voor honderd procent doen, anders kun je beter thuis blijven.' 

In '78 besloot de automonteur uit Castricum zijn hobby serieus aan te pakken. 'Ik wilde eindelijk eens goed beslagen aan de start komen. Daarom heb ik eerst mijn rijbewijs gehaald en een auto gekocht. Daarna heb ik mijn motor grondig gereviseerd, zodat ik de hele winter in de garage bezig geweest ben. Intussen had ik in Theo Schermer een beste helper gevonden, dus ik zag het helemaal zitten. Ik mag dan ook wel zeggen dat 1978 mijn eerste echte raceseizoen was. Het was achteraf alleen jammer dat ik juist in de kampioensraces veel pech had. Alleen de laatste twee wedstrijden gingen bijzonder goed. Het was trouwens maar goed dat het seizoen daarna afgelopen was, want mijn frame begon overal te scheuren'. 

Hoe ben je met Van Veen in aanraking gekomen? 'Van Veen heeft mij begin '79 benaderd. Mijn helper heeft destijds wel op een advertentie gereageerd, maar daarop zijn ze toen niet in gegaan. Ik was het al helemaal vergeten. We hadden zelfs al een nieuw frame besteld. Plotseling kreeg ik begin '79 een uitnodiging voor Zolder. We waren daar met vijf coureurs. Ik kreeg na drie rondjes nog pech ook, maar desondanks kon ik toch voor Van Veen gaan rijden.' Wat betekende die steun dit jaar? 'Het hele project omvat eigenlijk drie jaar. Dit seizoen heeft Van Veen het materiaal beschikbaar gesteld. Dat betekende ook natuurlijk het instandhouden en prepareren van het materiaal. Tevens werd ik op de circuits begeleid door Nico Polane. Het doel was dit jaar zo hoog te eindigen dat ik in aanmerking zou komen voor een internationaal startbewijs.' 

Met dit doel voor ogen begon Hans dit seizoen aan de eerste kampioensrace op Zandvoort. Hierbij gaf hij meteen al zijn visitekaartje af. Ondanks een valpartij pakte hij een keurige derde plaats. Ook na afloop van de races in Hengelo was er met een tweede plaats geen vuiltje aan de lucht. Tijdens de tweede kampioensrace op Zandvoort ging het echter mis. In tweede positie liggend „stapte' Hans even wat te vroeg van zijn motor. Ook in Oudkarspel moest de strijd voortijdig gestaakt worden. Voor de tweede maal ging er een kampioensrace verloren. Dit keer echter door machinepech. Hans over de eerste helft van het seizoen: .,Het leek in eerste instantie erg goed te gaan, maar dat viel later wel even tegen. Daarbij moet ik wel zeggen dat ik erg heb moeten wennen aan mijn nieuwe fiets. Het heeft vrij lang geduurd, voordat ik helemaal gewend was en wist wat je allemaal met dat machientje kon doen. Halfweg het seizoen zag ik het pas echt helemaal zitten.' Dat blijkt ook wel uit de laatste drie resultaten. Zowel in Gilze-Rijen, Tolbert en Hengelo pakte Hans het maximale aantal punten en daarmee ook de titel. Hans over de nationale titel. „Het is natuurlijk prachtig voor Van Veen. Het zegt voor mij niet alles, maar het is uiteraard leuk om het een keer te zijn. Het is in ieder geval een stap in de goede richting.' Naast het behalen van het kampioenschap pakte Hans ook nog zes overwinningen in NMB-wedstrijden, wat natuurlijk een NMBCup opleverde. Op de circuits had de Noordhollander nauwelijks vervoersproblemen, maar om er te komen des te meer Zoals zo vaak in mijn racecarrière had ik ook dit seizoen regelmatig pech onderweg naar de circuits. Ik had wel een auto maar dat was niet zo'n hele beste We moesten een keer in Helmond rijden. Halverwege gat mijn auto de geest. Om de drie kilometer was het water verdwenen Gelukkig reden we langs een kanaal, maar het werd toch vijf uur in de ochtend voordat we op het rennerskwartier arriveerden. We hebben die auto maar in Helmond achtergelaten en zijn met kennissen terug gegaan naar Castricum: Wat ga je de komende wintermaanden doen? 'Jammer genoeg heb ik geen racemotor meer thuis. Dat is eigenlijk het enige nadeel van gesponsord worden Ik zie wel een beetje tegen de winter op. Om er toch door heen te komen heb ik onlangs een crosser gekocht. Wat mij betreft mag het seizoen wel weer beginnen, want ik ben het nu alweer zat' . Niet dat ik wat tegen de NMB heb, maar waarom race jij bij deze bond? „Waarom niet. Ik ben daar begonnen en het bevalt mij uitstekend, dus waarom zou ik veranderen. Het maakt me trouwens helemaal niets uit bij wie ik rij. Ik maak me nooit zo druk over dergelijke zaken. Het loopt toch zoals het lopen moet,' aldus de nuchtere Spaan. 
Doe je veel aan je conditie? 'Niets bijzonders, gewoon de normale dingen. Alleen mijn gewicht houd ik regelmatig in de gaten. Het kost me overigens weinig moeite om 56 kg te blijven.' 

Het is altijd moeilijk om over de toekomst te praten,maar wat zijn jouw plannen? „Daar heb ik het nog niet over gehad met Van Veen. Zoals ik al verteld heb gaat het om een project van drie jaar, maar wat de definitieve plannen voor volgend jaar betreft kun je beter Van Veen bellen. Ik hoop zelf over een paar jaar ook 125 cc te gaan rijden.' Peter Beszelsen, racemanager bij Van Veen, zegt over de toekomstplannen het volgende. „We zijn bijzonder tevreden over het verloop van dit seizoen, dus we gaan vol goede moed verder met fase twee. Dat betekent dat we op dezelfde voet doorgaan als afgelopen seizoen. Er komen alleen wat wedstrijden bij. We willen naast het programma in Nederland ook veel internationale wedstrijden in het buitenland gaan rijden. Om aan het grote werk te wennen zullen we ook proberen Hans aan de start te krijgen van de TT en de GP's van Duitsland en België. Wanneer dat ook allemaal naar wens verloopt, willen we in 1981 een volledig GP seizoen gaan rijden, waarbij Hans dan wordt opgenomen in het Van Veen fabrieksteam.' 
Krijgt Hans volgend jaar al een fabrieksfiets? 'Nee, ook volgend seizoen zal hij zich op een normale productiemotor moeten bewijzen. Hij heeft dit jaar laten zien goed uit de voeten te kunnen met deze motor, dus dat moet volgend jaar ook weer kunnen', aldus Peter Beszelsen. Hans heeft dus nog heel wat voor de boeg, maar wie weet herhaalt zich de geschiedenis van Jan de Vries, de man die op dezelfde manier bij Van Veen begon en tweevoudig wereldkampioen werd! We wachten vol spanning af'.

Spaan Kreidler

Gedeeltelijk overgenomen en aangevuld met teksten en foto's:
Bron: Motor 73 nr. 1 1980
Auteur Toon Kannekens